Language/Italian/Vocabulary/Work-and-Employment/nl

Uit Polyglot Club WIKI
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
This lesson can still be improved. EDIT IT NOW! & become VIP
Rate this lesson:
0.00
(0 stemmen)


Italian-polyglot-club.jpg
Italiaans Wo vocabulary0 naar A1 CursusWerk en Werkgelegenheid

Inleiding[bewerken | brontekst bewerken]

Welkom bij deze les over Italiaans vocabulaire met betrekking tot werk en werkgelegenheid! Deze les is een belangrijk onderdeel van je reis naar het leren van de Italiaanse taal. Of je nu van plan bent om in Italië te werken, te reizen of gewoon je taalvaardigheden te verbeteren, het begrijpen van deze termen zal je helpen om effectiever te communiceren in een professionele context. In deze les gaan we de belangrijkste woorden en zinnen doornemen die je nodig hebt om over werk en werkgelegenheid te praten.

We zullen beginnen met een overzicht van de belangrijkste vocabulaire, gevolgd door voorbeeldzinnen om de context te verduidelijken. Vervolgens zullen we enkele oefeningen aanbieden om je begrip te testen en te versterken. Dus laten we beginnen!

Belangrijke Vocabulaire[bewerken | brontekst bewerken]

Laten we eerst enkele basiswoorden en zinnen bekijken die je zullen helpen in gesprekken over werk en werkgelegenheid. Hieronder vind je een tabel met 20 veelvoorkomende termen.

Italiaans Uitspraak Nederlands
il lavoro il ˈla.vo.ro het werk
il posto di lavoro il ˈpɔ.sto di laˈvo.ro de werkplek
il datore di lavoro il daˈto.re di laˈvo.ro de werkgever
il dipendente il di.penˈden.te de werknemer
la retribuzione la re.tri.buˈtsjo.ne het salaris
il contratto il konˈtrat.to het contract
il colloquio il kolˈlo.kwi.o het sollicitatiegesprek
la posizione la po.ziˈtsjo.ne de positie
le ferie le ˈfe.ri.e de vakanties
le responsabilità le re.spon.sa.bi.liˈta de verantwoordelijkheden
l'orario di lavoro l.oˈra.rjo di laˈvo.ro de werktijden
l'ufficio l.uˈfi.tʃo het kantoor
il progetto il proˈdʒet.to het project
il curriculum vitae il kurˈri.kul.lum viˈta.e het cv
la promozione la pro.moˈtsjo.ne de promotie
la pausa pranzo la ˈpau.za ˈpran.tso de lunchpauze
il stipendio il stiˈpen.djo het loon
la formazione la for.maˈtsjo.ne de opleiding
il settore il setˈto.re de sector
il team il tim het team

Voorbeeldzinnen[bewerken | brontekst bewerken]

Nu we de basisvocabulaire hebben behandeld, laten we kijken naar enkele voorbeeldzinnen waarin deze woorden worden gebruikt. Dit zal je helpen om de woorden in context te begrijpen.

Italiaans Uitspraak Nederlands
Io lavoro in un ufficio. jo laˈvo.ro in un uˈfi.tʃo Ik werk in een kantoor.
Il mio datore di lavoro è molto gentile. il mio daˈto.re di laˈvo.ro ɛ ˈmol.to dʒenˈti.le Mijn werkgever is erg vriendelijk.
Ho un colloquio domani. ɔ un kolˈlo.kwi.o doˈma.ni Ik heb morgen een sollicitatiegesprek.
Lei è un dipendente modello. leɪ ɛ un di.penˈden.te moˈdɛl.lo Zij is een voorbeeldige werknemer.
Le ferie sono importanti per il benessere. le ˈfe.ri.e ˈso.no im.portˈtanti per il beˈnes.se.re Vakanties zijn belangrijk voor het welzijn.
Ho bisogno di un aumento di stipendio. ɔ biˈzo.ɲo di un auˈmen.to di stiˈpen.djo Ik heb behoefte aan een loonsverhoging.
L'orario di lavoro è flessibile. l.oˈra.rjo di laˈvo.ro ɛ fleˈsi.bi.le De werktijden zijn flexibel.
Sto cercando un nuovo lavoro. sto tʃerˈkan.do un ˈnwo.vo laˈvo.ro Ik ben op zoek naar een nieuwe baan.
La formazione è fondamentale per il progresso. la for.maˈtsjo.ne ɛ fon.daˈmen.ta.le per il proˈɡres.so Training is essentieel voor vooruitgang.
Il mio curriculum vitae è aggiornato. il mio kurˈri.kul.lum viˈta.e ɛ aʤ.jorˈna.to Mijn cv is up-to-date.

Oefeningen[bewerken | brontekst bewerken]

Nu je een basiskennis hebt van het vocabulaire en de zinnen, is het tijd om deze kennis in de praktijk te brengen. Hier zijn 10 oefeningen om je begrip te testen.

Oefening 1: Vertaling[bewerken | brontekst bewerken]

Vertaal de volgende zinnen naar het Italiaans:

1. Ik heb een sollicitatiegesprek.

2. De werkgever is vriendelijk.

Antwoorden:

1. Ho un colloquio.

2. Il datore di lavoro è gentile.

Oefening 2: Vul de leegte in[bewerken | brontekst bewerken]

Vul de lege plekken in met de juiste woorden uit de vocabulaire lijst:

1. Mijn _____ is zeer ervaren.

2. We hebben een _____ voor dit project nodig.

Antwoorden:

1. datore di lavoro

2. team

Oefening 3: Kies het juiste woord[bewerken | brontekst bewerken]

Kies het juiste woord om de zin te voltooien:

1. Ik ben op zoek naar een nieuwe _____.

a) lavoro

b) lavorare

Antwoord: a) lavoro

Oefening 4: Maak een zin[bewerken | brontekst bewerken]

Gebruik de woorden "stipendio" en "aumento" om een zin te maken.

Antwoord: Ho bisogno di un aumento di stipendio.

Oefening 5: Waar is het kantoor?[bewerken | brontekst bewerken]

Vertaal de vraag "Waar is het kantoor?" naar het Italiaans.

Antwoord: Dov'è l'ufficio?

Oefening 6: Synoniemen zoeken[bewerken | brontekst bewerken]

Zoek een synoniem voor "ferie" uit de vocabulaire lijst.

Antwoord: vakantie (geen direct synoniem, maar in context te gebruiken voor dagen vrij)

Oefening 7: Korte antwoorden[bewerken | brontekst bewerken]

Beantwoord de volgende vragen met een kort antwoord:

1. Heb je een contract?

2. Is de werknemer tevreden?

Antwoorden:

1. Sì, ho un contratto.

2. Sì, è soddisfatto.

Oefening 8: Beschrijven[bewerken | brontekst bewerken]

Beschrijf je ideale werkplek met minimaal 3 zinnen in het Italiaans.

Antwoord voorbeeld:

La mia ideale posto di lavoro è tranquillo e ben organizzato. Ho un buon team. L'orario è flessibile.

Oefening 9: Vragen stellen[bewerken | brontekst bewerken]

Stel een vraag in het Italiaans over vakantiedagen.

Antwoord voorbeeld: Quante ferie ho quest'anno?

Oefening 10: Onvoltooid verleden tijd[bewerken | brontekst bewerken]

Vertaal de volgende zin naar het Italiaans in de onvoltooid verleden tijd: "Ik werkte vorige maand veel."

Antwoord: Lavoravo molto il mese scorso.

Conclusie[bewerken | brontekst bewerken]

In deze les hebben we de basis van het Italiaanse vocabulaire met betrekking tot werk en werkgelegenheid behandeld. We hebben belangrijke woorden geleerd, voorbeeldzinnen besproken en oefeningen gedaan om je begrip te testen. Het is essentieel om deze termen te beheersen, zodat je zelfverzekerd kunt communiceren in een professionele omgeving. Blijf oefenen en gebruik deze woorden in je dagelijkse gesprekken. Tot de volgende les!

Inhoudsopgave - Italiaanse Cursus - 0 tot A1[brontekst bewerken]

Introductie tot de Italiaanse Taal


Dagelijkse Uitdrukkingen


Italiaanse Cultuur en Traditie


Vervoeging in de Verleden en Toekomst


Sociaal en Werk Leven


Italiaanse Literatuur en Film


Onbepaalde en Gebiedende Wijs


Wetenschap en Technologie


Italiaanse Politiek en Samenleving


Samenstelling van Tijden


Kunst en Design


Italiaanse Taal en Dialecten


Andere lessen[bewerken | brontekst bewerken]


Contributors

Maintenance script


Create a new Lesson